Ouder worden in een vluchtelingenkamp
In 's werelds grootste vluchtelingenkamp in Bangladesh, leven meer dan 1,2 miljoen Rohingya's. Ze moesten alles achterlaten voor het geweld in Myanmar. Achter dit enorme aantal gaan persoonlijke verhalen schuil. Over herinneringen en verlies, maar ook over hoop. Ontdek Hamida’s verhaal.
“Ik voel me sterker sinds ik naar de kliniek kom,” zegt Hamida zacht, terwijl ze voorzichtig door de gang van het ziekenhuis loopt. Haar lichaam is kwetsbaar. Twee jaar geleden kreeg ze de diagnose diabetes. Sindsdien heeft ze veel dorst, moet ze vaak plassen en voelt haar mond voortdurend droog. “Soms ben ik zo buiten adem dat ik bijna niets meer kan zeggen.”
Vandaag is ze in de kliniek voor bloedonderzoek en medicijnen. Ze draagt een felblauwe jurk, een glimp van de levendigheid die ze ooit had. In gedachten is ze vaak terug in Myanmar. “Daar hadden we land en dieren. We verbouwden ons eigen eten. Ik werkte hard, maar we hadden een goed leven.”
Die wereld bestaat niet meer.
In het vluchtelingenkamp is alles schaars. Er is te weinig eten. Te weinig zorg. Te weinig zekerheid. Toch geeft Hamida niet op. “In de kliniek word ik geholpen. Gratis. En met respect.’ Ze woont hier met haar man. Tijdens hun vlucht raakten ze hun kinderen kwijt, die leven nu verspreid op andere plekken.
Hoe we helpen in Bangladesh
Stichting Vluchteling zorgt er samen met partner HOPE voor dat Rohingya-vluchtelingen in Cox’s Bazar toegang krijgen tot cruciale zorg voor chronische ziekten en mentale problemen. Zo ontvangen patiënten behandeling, worden zorgverleners getraind, medicijnen verstrekt en de kliniek uitgerust. Ook krijgen mensen voorlichting en steun om met hun ziekte om te gaan.