Directeur Stichting Vluchteling deze week in Libanon

De situatie in Libanon verslechtert razendsnel. In twee weken tijd zijn naar schatting een miljoen mensen op de vlucht geslagen. Deze week is onze directeur, Benoit De Gryse, in Beiroet om met eigen ogen te zien wat er nodig is en om te spreken met ontheemden, hulpverleners en lokale partners.

Een gevluchte familie slaapt op straat in Beiroet nadat ze hun huis hebben moeten verlaten
© (c) Copyright 2026, dpa (www.dpa.de). Alle Rechte vorbehalten

Massale ontheemding en tekort aan opvang

Libanezen slaan massaal op de vlucht en opvangcapaciteit schiet ernstig tekort. Slechts een fractie van de ontheemden kan terecht in opvanglocaties, vertelt Benoit De Gryse vlak voor vertrek aan het ANP: “In twee weken is 20% van de bevolking ontheemd. Wat doet dat met een land? Van de miljoen ontheemden is er plek voor maar 100.000 mensen in opvangcentra. Eén op de tien slaapt op straat.”

Twee Libanese medewerkers van Stichting Vluchteling werken in Libanon samen met vier lokale hulporganisaties. Voor hen betekent het dat zij hun werk moeten doen onder steeds moeilijkere omstandigheden. Vanuit Beiroet vraagt Benoit aandacht voor de menselijke gevolgen van het geweld.

Onze teams en partners werken onder extreme druk om voedsel, onderdak en medische zorg te bieden.

Hulp opgeschaald

Onze hulp in Libanon is snel uitgebreid om te kunnen voldoen aan de enorme noden. Onze lokale partners delen warme maaltijden en noodpakketten uit en leveren essentiële hulpgoederen aan opvanglocaties. Hulpverleners werken dag en nacht door om zoveel mogelijk mensen te bereiken.

Met steun van de Dutch Relief Alliance ontvangen bijna 1.000 gezinnen een eenmalige bijdrage van 125 euro voor basisbehoeften. Daarnaast zijn er mobiele medische teams, psychosociale hulp en speciale zorg voor zwangere vrouwen en baby’s.

In twee weken tijd is ongeveer 20% van de Libanese bevolking ontheemd. Voor Nederland zou dat neerkomen op 3,4 miljoen mensen die hun huis zouden moeten verlaten.

portretfoto Benoit De Gryse Benoit De Gryse, directeur Stichting Vluchteling

Reisverslag van dag tot dag

Onze directeur bezoekt onze noodhulpprojecten in Libanon. Ter plaatse spreekt hij met hulpverleners en mensen op de vlucht over de situatie en de impact van onze hulp. Hij vertelt erover in zijn reisverslag.

“Het is hier schizofreen,” vertelt Marcel vanuit Beiroet aan de telefoon. Je hoort constant drones zoemen en je hoort en ziet raketten vliegen. Maar als je in de ‘veilige’ wijk bent, zoals de christelijke wijken, dan is het risico zeer beperkt.

We nemen het mee in de afweging of deze reis te verantwoorden is. De doelstelling voor meer aandacht voor de mens achter het geopolitieke verhaal is een terechte. Op vrijdag stelde NPO1 de vraag of het ongemakkelijk voelt dat mensen zich vooral druk maken over stijgende energieprijzen. Dat gevoel was er zeker. We mogen de zorgen van hen die ook in Nederland al moeite hebben om rond te komen niet bagatelliseren, ook al is de stijging van prijzen nu nog miniem, ook die zorgen zijn reëel.

Wat ons nog meer zou moeten verontrusten, is de trend dat ‘macht boven recht’ lijkt te bestaan. Zonder wettelijk kader wordt een land aangevallen (Iran), terwijl internationaal recht en humanitair recht, samen met diplomatie, naar de zijlijn worden verbannen.

We zouden ons collectief zorgen moeten maken over deze ontwikkeling, al was het maar uit eigenbelang. Nu sommigen vrezen dat Europa in een oorlog terecht kan komen, is het cruciaal dat internationaal recht en oorlogsrecht ons ook in zo’n scenario blijven beschermen. Daarnaast is het nu belangrijker dan ooit dat internationaal humanitair recht blijft bijdragen aan de bescherming van humanitaire organisaties en hun personeel, dat burgers geen doelwit zijn, en dat levensreddende hulp mensen op de vlucht, zoals in Libanon, kan blijven bereiken.

Dit jaar ben ik al in Tsjaad en Oekraïne geweest, en daarvoor in een heleboel landen die in conflict zijn, maar ik merk dat deze reis bij familie en vrienden anders valt. Naar een hoofdstad gaan die regelmatig gebombardeerd wordt, voelt anders. In Beirut kan je trouwens niet echt spreken van een klassiek conflict, er wordt eenzijdig gebombardeerd.

Het echte conflict speelt zich vooral in het zuiden van Libanon af, waar een evacuatiebevel geldt tot aan de Zahrani-rivier. Dat is grofweg 20% van het land. In dit gebied vechten Hezbollah en het IDF, maar informatie is schaars.

De cijfers liegen er niet om, in ongeveer twee weken zijn zo’n 1 miljoen mensen ontheemd, ongeveer 20% van de Libanese bevolking van 5,3 miljoen. Voor Nederland zou dat neerkomen op 3,4 miljoen mensen die hun huis zouden moeten verlaten.

De ontheemden komen vooral uit het zuiden, maar ook uit getroffen wijken in Beiroet en Mount Libanon. Er zijn ongeveer 100.000 opvangplekken beschikbaar, vaak scholen of tentenkampen. Die laatste zijn kwetsbaar voor regen en wind; de afgelopen dagen was er storm. Op basis van deze cijfers zouden er dus 900.000 mensen op straat slapen.

In de vroege avond vertrek ik vanaf Schiphol via Parijs naar Beiroet. Voor vertrek spreek ik met het ANP, waarbij ik de schrijnende cijfers en de omvang van de humanitaire crisis toelicht, voordat ik ter plaatse met eigen ogen ga zien wat er nodig is.

Aan onze collega’s en partners hier wil ik zeggen: wat jullie doen is nauwelijks te bevatten. Ondanks alles blijven jullie doorgaan. Mensen hebben, zelfs in oorlog, recht op waardigheid. Op hulp die hen bereikt. Op bescherming. Dat is waar wij voor staan. En dat is waarom we hier zijn.

Geef voor Libanon

Honderdduizenden Libanezen zijn massaal op de vlucht geslagen voor luchtaanvallen. Wij zijn ter plaatse en bieden direct noodhulp. Help jij mee?


Stichting Vluchteling
English
sluit